De Vlaamse Schietsportkoepel vzw (VSK) heeft een aanspreekpersoon integriteit aangesteld (API). Bij deze API kunnen jongeren, ouders, trainers en begeleiders terecht met een vraag, bezorgdheid of melding rond seksueel grensoverschrijdend gedrag. De API is iemand die discreet kan handelen en onafhankelijk kan werken. De API luistert naar een verhaal of vraag van de persoon in kwestie, vormt zich een beeld van de situatie en geeft vervolgens informatie en advies, of verwijst door. Het is niet de taak van de API om zelf hulp te verlenen of op onderzoek te gaan. Voor professionele ondersteuning, hulpverlening of melding, verwijst de API door naar deskundigen (hulpverlening, politie, justitie,…).

Om aan kwalitatieve sportbeoefening te doen willen wij mee investeren in ethische normen en waarden. Om deze kwaliteit te garanderen beschikken wij over onderstaand handelingsprotocol. Het beschrijft de stappen die wij volgen bij vermoeden, ontdekking of vaststelling van grensoverschrijdend gedrag.

Handelingsprotocol (zie figuur onderaan)

Hoe te handelen bij een melding van een incident (een vermoeden, onthulling, vaststelling)? (zie 2e figuur onderaan)

FASE 0: Melding, onthulling, vaststelling

Bij de melding van een incident, zowel bij een vermoeden*, onthulling** als vaststelling***, is het belangrijk om duidelijk te maken:

  • Wat is de inhoud van de klacht of melding?
  • Hoe zijn de gegevens bij de API terechtgekomen?
  • Wie is de melder?
  • Indien de melder een rechtstreeks betrokkene is:
    • Nagaan wat de betrokkenen verwachten
    • Rekening houden met de wensen van het slachtoffer
    • De rol van API uitleggen en hoe de API omgaat met de melding. De API benadrukt de discretieplicht en legt duidelijk uit dat indien het over strafbare feiten gaat, dit gemeld moet worden.

* Vermoeden: een persoon kan een vermoeden hebben dat er een situatie van seksueel grensoverschrijdend gedrag is binnen de sportfederatie, waarbij een lid/trainer/medewerker van VSK betrokken is.

** Onthulling: een slachtoffer of getuige kan een situatie van (vermoedelijk) seksueel grensoverschrijdend gedrag bij een persoon onthullen.

*** Vaststelling: een persoon kan een vaststelling doen van seksueel grensoverschrijdend gedrag door getuige te zijn van misbruik of door een situatie aan te treffen.

FASE 1: In kaart brengen van de situatie

De API vormt een beeld van de situatie door middel van het rapporteringsdocument.

  • Wie zijn de betrokkenen? Mogelijke slachtoffer(s), mogelijke pleger(s), mogelijke andere betrokkene (getuigen),…
  • Wat is er al dan niet bekend over de feiten?
  • Wat zijn de bronnen? Hoe zijn we de feiten te weten gekomen?
  • Indien er bijkomende informatie nodig is, contacteert de club-API de verschillende personen om de situatie in kaart te brengen.

FASE 2: Inschatten van de ernst van de situatie en advies winnen

Het inschatten van de ernst van de situatie door intern of extern overleg. Bij ernstige feiten contacteer je altijd de federatie-API. Handel nooit alleen.

Intern overleg
Hier wordt er nagegaan wat de ernst van de situatie is en wordt er advies gegeven.

Extern advies
De club-API kan steeds terecht bij de federatie-API voor advies. Indien nodig kan er extern advies ingewonnen worden bij de hulplijn 1712.

Advies formuleren
Bij het advies moet er steeds rekening gehouden worden met de verwachtingen van de betrokkenen. Afhankelijk van de ernst van de situatie en rekening houdend met het advies wordt er beslist of de zaak intern verder wordt afgehandeld, het tuchtreglement wordt opgestart, de zaak gemeld wordt binnen de hulpverlening en/of gemeld wordt bij politie of justitie.

FASE 3: Uitvoeren van het advies

Voor het uitvoeren van het advies wordt er beroep gedaan op het clubbestuur in samenwerking met de club-API. Zij kunnen daarvoor beroep doen op de federatie-API voor advies en ondersteuning. Per geval moet er bekeken worden wie de bestuurlijke verantwoordelijkheid heeft (club/federatie/externe partij).

Interne opvolging

  • Beslissen welke maatregelen zullen worden getroffen ten aanzien van de dader.
  • Beslissen welke maatregelen zullen worden getroffen ten aanzien van het slachtoffer.
  • Beslissen hoe en welke informatie zal worden gedeeld met de andere begeleiders, sporters en indien van toepassing ouders.
  • Aandacht geven aan de opvang en nazorg van en voor alle betrokkenen in een incident.
  • Mogelijk zijn andere sporters en begeleiders verward of angstig en hebben ook zij nood aan ondersteuning. Ook binnen de organisatie kan er verwarring, spanning of verdeeldheid ontstaan dat dient opgevolgd te worden.
  • Communiceren met de betrokkenen om hen op de hoogte te brengen van de situatie, steun te verlenen, de verdere acties uit te leggen, en te informeren over hun rechten en mogelijkheden.

Hulpverlening

Bij ernstige gevallen is een doorverwijzing naar de hulpverlening of professionele bemiddeling nodig. Daarmee stopt de verantwoordelijkheid van het clubbestuur of de club-API niet, want ook na de doorverwijzing zal verdere opvolging en herstel nodig zijn.

Politie/justitie

Een geval van seksueel misbruik of ernstig grensoverschrijdend gedrag kan worden aangegeven bij de politie. Het is belangrijk om zich goed te informeren over de mogelijkheden, het verloop en de gevolgen van een gerechtelijke procedure. Gaat het slachtoffer akkoord met de melding bij politie? Ook na een melding bij politie is een interne opvolging van de situatie nodig. Wellicht moet ook hulpverlening ingeschakeld worden, moet er verder gecommuniceerd worden met de betrokkenen, de andere jonge sporters en begeleiders, de familie,…

FASE 4: Nazorg en evaluatie

Organiseer nazorggesprekken met de betrokkenen, herhaal deze nazorggesprekken op korte termijn. Er worden afspraken gemaakt over de terugkoppeling van het clubbestuur naar de federatie-API. Het incident wordt afgesloten met alle rechtstreekse betrokkenen, er is informatie over welke stappen zijn gezet, en welke nog zullen moeten uitgevoerd worden.

Na afloop van de zaak wordt een evaluatie gemaakt van de procedure die gevolgd werd.

  • Welke stappen werden gevolgd in de aanpak van het gebeuren?
  • Hadden bepaalde stappen beter kunnen worden ondernomen?
  • Hoe wordt de actuele situatie geëvalueerd?
  • Wat kan worden geleerd van het incident dat zich heeft voorgedaan?
  • Kunnen we deze situatie in de toekomst voorkomen?